Stel je voor: je bezit een appartement in Amsterdam. Elke maand betaalt je huurder netjes zijn huur. Op een dag staat er iemand op de stoep die het pand voor een belachelijk lage prijs wil kopen. De volgende dag biedt iemand anders het dubbele. Wat doe jij? Je doet de deur dicht en je gaat verder met je leven.
Dat is precies hoe ik tegenwoordig naar mijn aandelenportefeuille kijk. De dagkoers is ruis. De huur is het enige wat telt.
De markt is manisch β gebruik dat
Warren Buffett noemde het al: de markt is op korte termijn een stemmingsmachine, op lange termijn een weegschaal. Ik zou er aan toevoegen dat die stemmingsmachine de afgelopen jaren bijzonder manisch is geworden. Index-fondsen, algoritmes, retailbeleggers op social media β ze jagen elkaar op in golven van hebzucht en angst.
Trump twittert iets. De markt daalt 3%. De volgende dag 4% omhoog. Gaat dit ergens over? Nee. Maar die volatiliteit heeft een prijs β letterlijk. En die prijs wil ik innen.
"Stel dat 1.000 mensen elke dag een bod op jouw huis willen doen. Je zou toch ook niet elke ochtend angstig naar je telefoon kijken?"
β Vrij naar Warren Buffett
Hoe ik premie innen
In het vastgoed verhuur je je pand en ontvang je maandelijks huur. In mijn aanpak doe ik iets vergelijkbaars: ik verkoop call-opties op de aandelen die ik al bezit.
Een call-optie geeft de koper het recht om mijn aandelen te kopen tegen een vaste prijs β de zogenaamde uitoefenprijs. Voor dat recht betaalt de koper mij een premie. Die premie is mijn huur. Vooraf betaald. Gegarandeerd. Of mijn aandelen nu stijgen, dalen of stilstaan.
Ik kies bewust voor call-opties die 10 tot 15% boven de huidige koers liggen β out-of-the-money, zoals dat heet. Dat geeft me twee voordelen tegelijk: ik vang premie, Γ©n ik profiteer nog mee als het aandeel wat stijgt. Pas als de koers echt flink doorstijgt, lever ik het aandeel β maar dan heb ik al koerswinst Γ©n premie opgestreken. Dat noem ik geen verlies.
Tijdswaarde verdampt altijd β altijd
Er is één natuurkundige wet in de optiemarkt die nooit faalt: tijdswaarde gaat naar nul. Elke week. Elke maand. Elke keer opnieuw. Een optie die vandaag β¬5 waard is, is over zes maanden β¬0 als het aandeel niet beweegt.
Als koper van opties is dat je vijand. Als verkoper is het je beste vriend. Ik ben altijd verkoper. Ik innen de premie vandaag en wacht rustig af terwijl de tijdswaarde naar nul verdampt. Theta β de dagelijkse afname van tijdswaarde β werkt elke nacht voor mij terwijl ik slaap.
Speculanten en risico-afdekkende instituten betalen verbazingwekkend veel premie voor opties. Soms 10, soms 30% op jaarbasis van de onderliggende waarde. Ze hebben angst of hoop nodig β ik heb alleen geduld nodig.
De onkunde van de retailspeculant en de voorzichtigheid van de institutionele belegger: allebei zorgen ze ervoor dat optiepremies structureel te hoog geprijsd zijn. Ik probeer consequent aan de verkopende kant te staan.
Wat ik niet meer doe
Ik kijk niet meer naar de dagkoers. Ik luister niet meer naar analisten β die hebben structureel hogere koersdoelen dan realistisch is, dat weet ik al sinds de internetbubbel. Ik probeer niet de markt te timen. Ik maak geen DCF-modellen meer vol met aannames die ik toch niet kan waarmaken.
Wat ik wΓ©l doe: ik selecteer een handvol bedrijven met een sterk concurrentievoordeel, een hoge ROIC en management dat kapitaal verstandig alloceert. Die aandelen koop ik. Daarna zet ik ze aan het werk door er call-opties op te verkopen.
Het enige getal waar ik op stuur: het premierendement. Hoeveel cash stroomt er dit jaar mijn portefeuille in als percentage van de inkoopwaarde? Dat is de huuropbrengst. De rest is ruis.
In volgende blogs ga ik dieper in op hoe ik bedrijven selecteer, hoe ik de premies beoordeel met behulp van Black-Scholes, en waarom ik de waarde van een bedrijf liever zie als de som van al zijn posities op toekomstige markten dan als een DCF-model vol met onzekere aannames.